Vipassana meditatie begeleid door Jotika Hermsen

https://kro-ncrv.nl/boeddha-in-de-polder/meditatie-challenge-5-vipassana-meditatie

Jotika Hermsen (www.sanghametta.nl) begeleidt Joris Linssen bij een Vipassana meditatie in het kader van het programma Boeddha in de Polder.

 

Dhamma tekst over gevoel

Satipatthana meditatiedag 11 november

 

En daar zit je dan, op je mat, kussen of stoel terwijl buiten de wereld in brand staat. Er dagelijks talloze doden vallen door geweld, aangestuurd door gevoelens van woede, onmacht, teleurstelling maar ook begeerte, trots, verwaandheid en jaloezie. En ook wij voelen de onmacht omdat we niet in staat zijn dit geweld te stoppen. We zien de beelden en kunnen er vervolgens niets mee. Het maakt ons verdrietig en opstandig en van tijd tot tijd bezorgt het ons een hopeloos gevoel. We vragen ons af hoe het toch mogelijk is dat mensen elkaar dit aandoen.

Wat is eigenlijk het gevoel dat onze gedachten en gedrag zo beheerst. Waar komt het vandaan?

In het Boeddhisme zien we dat er niet zoiets is als een autonome entiteit die controle heeft over gedachten, keuzes en gedrag. Alles wat er gebeurt is onderhevig aan de wet van oorzaak en gevolg. Om een voorbeeld te noemen. Je ziet degene die naast of voor je zit. Het oog maakt contact en dan volgt het gevoel, ofwel de ervaring. Dan is er vervolgens de perceptie of labeling. Er is de herkenning, dit is een vrouw of man. En dan volgen de gedachten zoals, wat een mooie omslagdoek of wat een stevig meditatiekussen. Dat zou ik ook wel willen. Er is verlangen. En dan volgt de intentie. Je benadert die persoon en vraagt waar hij of zij dat kussen heeft gekocht. Tenslotte zoek je online naar de aanbieder met de beste prijs en koopt het kussen.

Waar komt die hele keten van oorzaak en gevolg nu vandaan?

Als we ons bewustzijn observeren dan zien we een onafgebroken reeks van sensaties, gevoelens en gedachten opkomen en weer wegvallen. Dit alles komt op als gevolg van eerdere ervaringen en informatie, opgeslagen in een soort database van je bewustzijn. Een database van kamma. Daar hebben we geen controle over. Die database bepaalt voor een belangrijk deel de vrolijke en liefdevolle gevoelens die opkomen maar ook de verdrietige en gevoelens van onmacht.

Kunnen we daar dan helemaal niets aan doen?

Nee, niet aan het gegeven dat die gevoelens opkomen en weer wegvallen, maar wel hoe we die gevoelens ervaren en hoe we erop reageren. 

De poortwachter daarbij is mindfulness. Door mindful te zijn van moment tot moment kunnen we gevoelens observeren, ze dan zien als gevoelens om ze vervolgens los te laten of als het onheilzame gevoelens zijn te vervangen door heilzame gevoelens. Door dit te doen beïnvloeden we onze database, ons kamma, op een heilzame manier zodat ons gevoelens en gedachten in toenemende mate heilzaam zijn. Hoe vervangen we onheilzame gevoelens door heilzame? Om te beginnen door niet te oordelen maar met compassie de bestaande gevoelens waar te nemen en te laten gaan.

In de Satipatthana sutta, de belangrijkste sutta in het Boeddhisme, beschouwen we lichaam als lichaam, gevoel als gevoel, het bewustzijn als bewustzijn en tenslotte alles wat er in het bewustzijn opkomt, de zogeheten mentale objecten, als mentale objecten. Door dit te doen trainen we onze geest om bewuster en aandachtiger te zijn in het huidige moment. En we identificeren ons daardoor niet met dit alles. Er ontstaat ruimte, vrijheid en gelijkmoedigheid, een belangrijke kwaliteit op weg naar Verlichting en dat is het uitdoven van elke vorm van afkeer en begeerte, de ultieme vrijheid.

Begeerte en afkeer steunen beide op onwetendheid en worden ook door onwetendheid aangestuurd. Onwetendheid ligt daarmee aan de basis van negativiteit en onheilzaamheid.

Dus als we dan kijken naar al dat geweld om ons heen, dan kunnen we ons realiseren dat dit alles het gevolg is van onwetendheid. En dan kunnen we misschien ook zeggen: I forgive you for not knowing.

 

Dhamma tekst over de geest

Satipatthana meditatiedag 9 december

 

Vandaag gaat de opmerkzaamheid naar de geest, het derde aandachtsgebied van de Satipatthana.

De geest is vooral het domein van neurowetenschappers en ook centraal thema in de Abhidhamma, de Boeddhistische psychologie.

De geest lijkt soms een vaag en ongrijpbaar fenomeen. Wetenschappers buitelen over elkaar heen als het gaat om uitleg en verklaringen.

Wij houden ons bij de leer van de Boeddha die overigens door talloze neurowetenschappers in toenemende mate wordt omarmd.

Maar wat is de geest dan eigenlijk?

Laten we eerst eens kijken naar onze eigen geest op dit moment. Hoe staat die ervoor? Hoe zit die erbij? Nu vraag je je misschien af hoe je dat kunt weten. Kunnen we in onze geest kijken?

Nee, dat kan niet. Want de geest is geen constante, geen permanent iets. Wat we wel kunnen is opmerkzaam zijn op de staat waarin we ons bevinden. Je kunt nog vol zijn van de rit hierheen of van de hectiek in de ochtend, dan is de staat van de geest misschien onrustig. Dan is er opwinding of verwachting.

Misschien ben je nieuwsgierig en verwachtingsvol, misschien zijn er zorgen of een diepe tevredenheid. Van deze staten van de geest kun je je bewust worden via opmerkzaamheid.

Heeft dat zin? Ja dat heeft zeker zin.

Waarom heeft dit zin? Door opmerkzaamheid ontwikkel je de geest en een ontwikkelde geest brengt inzicht, balans, rust en geluk.

Dat werkt ongeveer als volgt.

Je staat voor een rood stoplicht en hebt haast om op tijd bij een afspraak te komen. Het licht springt op groen en de automobilist voor je trekt niet op. Hij of zij zit kennelijk niet op te letten. Je drukt op de claxon, maar tegen de tijd dat de automobilist reageert is het licht alweer op rood gesprongen.

Wat een heerlijke reeks momenten om opmerkzaam te zijn op de staat van de geest en om deze te trainen. Je staat voor het stoplicht, je bent al aan de late kant: de geest is onrustig. Ongeduldig wacht je op het groene licht om te kunnen rijden: de geest is verlangend. De chauffeur voor je let niet op: de geest is geïrriteerd.

Hoe bevrijdend kan het zijn om je bewust te zijn van deze momenten die zich in een niet aflatende stroom aandienen en weer wegvallen. Oh nou kom ik vast te laat, wat ontzettend vervelend en vervolgens, nou ja, dat kan iedereen overkomen en de wereld vergaat niet. En dan weer, oh maar dan mis ik dit programmaonderdeel. En alle andere denkbare reacties. Reacties die je behoorlijk in de greep kunnen houden.

Door de geest te zien als geest, namelijk als een onophoudelijke reeks van bewustzijnsmomenten die opkomen en weer wegvallen kun je afstand nemen van die reacties door je er niet mee te identificeren.

Die bewustzijnsmomenten ontstaan door contact. Contact via de zintuigen; je ziet iets ofwel, je oog valt op iets of iemand en je word je bewust van hetgeen je ziet. Je hoort iets en je word je bewust van hetgeen je hoort en zo gaat het ook met de overige zintuigen. En ook, je denkt iets en je word je bewust van de gedachte en je voelt iets en word je bewust van dat gevoel. Het is de kunst om bijvoorbeeld geluid te ontvangen als enkel horen, horen, en te zien wanneer de reactie optreedt zoals bijvoorbeeld: wat is dit fijn, of veel te hard en onprettig. De reacties noemen we de metgezellen.

Daarmee is de geest datgene wat de emoties zoals bijvoorbeeld vreugde, onrust en zorgen kan kennen. Je kunt vreugde, onrust en zorgen dus zien als de metgezellen van de geest. De geest is altijd verbonden met metgezellen. Volgende keer richten we onze aandacht op die metgezellen.

Als we in de meditatie onze aandacht richten op de geest, wat doen we dan? In grote lijnen komt het er op neer dat we opmerkzaam zijn waar we ons bewust van worden van moment tot moment. De geest is als het ware de baas in het herkennen van de ervaring.

Wat maakt dat de Boeddha het zo belangrijk vond om te mediteren en contempleren op de geest? Door alle toestanden van de geest te leren kennen wordt ook duidelijk dat niets permanent is, alles voortdurend verandert en veranderlijk is van aard. Inzicht in deze processen helpt om de identificatie met al deze bewustzijnsmomenten, ofwel de pure geest en metgezellen, los te laten en ze laten voor wat ze zijn: processen, niet van jou en niet van mij. Van wie dan wel? Ze zijn van zichzelf zegt de Boeddha.

 

Dhamma tekst over mentale factoren

Satipatthana meditatiedag 6 januari

 

Je gedachten kun je niet kiezen.

Je gedachten kun je niet kiezen.

Ze zijn er opeens.

Dat zei een Britse komiek in zijn nieuwjaarconference.

Twee simpele zinnen, en zo raak.

Want gaat het hier niet om?

We denken misschien dat we controle hebben, maar dat is een illusie.

We denken misschien dat een intentie van onszelf is, maar ook dat is een gedachte die we niet kunnen kiezen.

Een intentie is er opeens, maar niet zomaar, nee, dat niet.

De intentie heeft net als alle andere gedachten een oorzaak en een gevolg.

Je kunt het misschien vergelijken met een eindeloze rij dominostenen die elkaar aantikken.

De komiek ging verder en zei:

De gedachte zegt, hé, ik ben een gedachte.

De gedachte zegt, hé, ik ben een gedachte.

De context waarin hij dit zei had weinig te maken met de Boeddhistische leer, maar de betekenis van deze zin wel.

In het vierde aandachtsgebied van de Satipatthana contempleren we op de metgezellen van de geest. De mentale factoren die de geest vergezellen. Want zonder metgezellen is er geen bewustzijn. In totaal zijn er 51 mentale factoren. Opmerkzaamheid is er een van en concentratie een andere. En ook intelligentie en wijsheid behoren tot de mentale factoren. Net als gehechtheid, boosheid, verwaandheid, onwetendheid en twijfel.

Metgezellen zijn er altijd, tenzij je in een dusdanig diepe meditatieve staat bent dat er een toestand ontstaat van bewustzijnsverlies. Dit kan kort en lang duren, maar is altijd tijdelijk.

Daarna zijn ze er weer, de mentale factoren die opkomen in de vorm van gedachten, emoties, verlangens en intenties en die heilzaam en onheilzaam kunnen zijn.

Wat doen we tijdens de meditatie? We observeren en niet meer. We observeren het opkomen en wegvallen van de metgezellen.

Laten we het concreet maken. Je hebt ergens zin in, of wilt iets hebben. Met andere woorden, er ontstaat verlangen. Door het observeren kun je de opkomst van dat verlangen opmerken en ook de sensaties en gedachten rondom dat verlangen.

Hetzelfde geldt voor het oordelen. Door het observeren kun je de opkomt van dat oordelen opmerken en ook de sensaties en gedachten rondom dat oordelen.

Je bent opmerkzaam, als een voyeur die slechts toekijkt en zich niet mengt in het proces van opkomen en wegvallen van de metgezellen, de mentale factoren in de geest. De eindeloze reeks van dominostenen die elkaar aantikken en wegvallen.

Waarom is het belangrijk om te contempleren op de metgezellen?

Zo worden we er meer en meer bewust van dat we geen controle hebben, dat er niet zoiets is als een sturende entiteit die ‘ik’ heet en dat niets blijvend is.

En waarom zou je dat willen weten?

Omdat het de waarheid is. Omdat je niet in een illusie wilt leven.

Omdat je zo het pad bewandelt van helderheid en wijsheid dat leidt tot werkelijke vrijheid en geluk.

Daarom is er in de Satipatthana naast aandacht voor de ware aard van het lichaam, de ware aard van gevoel en de ware aard van de geest, aandacht voor de werkelijke aard van de mentale objecten zoals onze gedachten.

Want, inderdaad, je gedachten kun je niet kiezen.